Saturday, March 21, 2026

De winter in Anzio.

We zijn dus weer in Anzio, zelfde plek als vorig jaar. Maar eerst de opleukfoto. 

 

Dat op dezelfde plek zijn, is best wel makkelijk, we wisten ongeveer wat we allemaal mee moesten nemen. Zoals extra verlengsnoeren, magnetische haakjes (de wanden hebben hier een profiel, waardoor een haakje met zuignap niet werkt, maar de koelkast is van ijzer 😊), een raspberry pie om makkelijker naar Nederlandse tv en andere programma's te kijken. Om die pie fijn te laten werken, was er wel weer een stekker met schakelaar nodig. Die kun je hier gewoon in de supermarkt kopen, maar alleen voor de Italiaanse stopcontacten. Dat levert weer leuke constructies op. Dus op het lijstje voor volgende overwintering staat al 'schakelaar', ik moet toch snel weer iets kopen bij Coolblue na vier maanden. 

 

Nadeel van dezelfde plek is wel dat je verder weinig hoeft uit te zoeken. We weten de supermarkten, de verschillende barretjes en restaurants al te vinden. Echt verdwalen lukt ook al niet meer: de wegen in Anzio en Nettuno zijn goed genoeg bekend. Dus af en toe maar eens een andere route bedenken of een ander leuk straatje opzoeken.

 

We hopen natuurlijk op lekker zonnig weer en dat valt dit jaar behoorlijk tegen. De hoeveelheid neerslag is enorm en waar we vorig jaar een paar dagen regen hadden en verder veel zon, is het nu ongeveer het omgekeerde. Dus weinig strand en de aperitivo bij voorkeur in een overdekte en verwarmde locatie. Die hebben we gelukkig wel gevonden in het centrum van Anzio, tegenover het gemeentehuis. Alleen is het daar betaald parkeren, maar gelukkig geen Amsterdamse tarieven. Wat betreft het weer, er is wel een klein lichtpuntje: in Nederland is het toch wel wat kouder (meestal wel zo een 10 graden) en valt er genoeg neerslag en dan ook nog vaak in de vorm van sneeuw. Maar ja veel binnen zitten zoals we nu veel doen, kan ook in Amsterdam. Gelukkig is er bij het huis wel een serre. Dus als de zon schijnt is het al snel warm en soms te warm in de serre. Bij te warm kunnen we de wanden van de serre open schuiven, dus dan is het nog steeds lekker om in de volle zon te zitten. Ik zie dan alleen niets meer op het scherm van laptop en/of foon. Wel een mooi excuus voor alle tikvouten.

Bij vier maanden overwinteren moet ook ik een keertje naar de kapper. De vraag is dan natuurlijk: Welke? Tot nu toe ben ik elke jaar bij een andere kapper geweest en ook nu is het even zoeken. Maar toen we vorige week een ijsje zaten te eten op de boulevard van Anzio werd er een foldertje onder de ruitenwissers gestopt. Ik vind dat een vervelende manier van reclame maken, maar deze keer heb ik er, met lichte tegenzin, gebruik van gemaakt.


 

Toen ik binnenkwam stond het volume van de radio op 8 (van 10) en dat maakt het elkaar begrijpen, zeker in een voor mij vreemde taal, een stuk lastiger. Eén kapper in opleiding mag de klant klaarmaken voor de knipbeurt (manteltje om en kraag om de haartjes goed af te voeren) en daarna komt de kapper binnen (die blijkbaar ergens op straat aan het pauzeren was). Ook nu weer is het niet makkelijk met de achtergrond muziek op de voorgrond om uit te leggen wat ik wil. 'Non troppo corto' is blijkbaar niet helemaal goed overgekomen. Maar goed, mijn volgende bezoek aan de kapper is ergens in 2027 en eigenlijk snap ik het business model van deze kapper niet helemaal. Dezelfde jongeman van de voorbereiding mag ook de kassa bedienen en zo ben ik in ongeveer 10 minuten weer 10 euro lichter. Dat lichter valt overigens wel weer mee, betalen met pin is hier bijna overal mogelijk. 

Ondanks dat we hier nu al voor de vierde keer overwinteren, blijf ik me over een aantal dingen verbazen.

Eerst hebben we natuurlijk het verkeer. Elke dag gebeurt er wel iets onverwachts, maar tot nu toe zonder schade. 

Auto's die voorrang nemen snap ik wel op kruispunten waar je anders echt niet meer wegkomt, maar in veel gevallen denk ik dat eventjes wachten een stuk veiliger voor iedereen zou zijn. Als je dan geen voorrang geeft, zie je voornamelijk onbegrip bij de andere bestuurder. 

De richtingaanwijzer is een onbekend begrip bij de meeste Italiaanse bestuurders. Zelfs zo onbekend dat ze nauwelijks reageren op het feit dat ik ze (nog) wel gebruik. 

Parkeerverboden zijn er slechts voor de vorm en dat went snel (die ferrari-rode bolide is van ons). Er wordt ook op heel veel plaatsen zeer creatief geparkeerd. 

 

Soms word je ook positief verrast. Vorige week op de Nettunense (de weg van Anzio naar de Pontina en verder en de Pontina is weer de weg van Terracina naar Rome) een ongeluk waardoor de helft van de weg geblokkeerd was, op een twee-baans weg best lastig. De politie was er nog niet en toch ging het verkeer om en om langs de verkreukelde autoos. Dat ging verder gehaal automatisch zonder dat iemand dat hoefde aan te sturen.  

Misschien is er wel een verklaring voor al die verkeersacties. Ikzelf denk dat er echt iets in het DNA van de Italianen zit die dit gedrag veroorzaakt, misschien een idee voor wetenschappelijk onderzoek. Verder is het in Italië heel gebruikelijk om autorijles te krijgen van vader of oom. Daarnaast nog een paar rijlessen bij een autorijschool. Tsja en als je dan naar het aantal doden in het verkeer kijkt: in Nederland 31 doden per miljoen inwoners en in Italië 51. Maar goed met cijfers kun je alle kanten op en soms zelfs de goede kant en dit zijn ook maar cijfers van chatGPT. 

De kwaliteit van het asfalt is nog steeds bedroevend. Gaten in de weg zijn er voldoende en die gaten worden met elke regenbui weer groter en groter, alsof het asfalt oplost of in ieder geval afbrokkelt in het regenwater. Gelukkig zie je heel af en toe een wagentje rondrijden met wat emmertjes warm asfalt. Die worden dan in de ergste gaten gedaan en met een beetje aanstampen is de kuil weer voor eventjes geen kuil meer. Ik had overigens wel wat meer foto's van de kuilen willen maken, maar mijn eigen veiligheid gaat toch voor.

In het huishouden valt voornamelijk de enorme hoeveelheid plastic afval op. Het is wel iets minder erg dan de voorgaande jaren en het is maar goed dat ze 2x per week plastic/metaal komen ophalen. Misschien moet je het samenpersen of smelten om wat minder vaak met de afvalbak te moeten lopen.

In de supermarkt is er vaak een aparte vleeswarenafdeling (en brood en vis) en daar worden de vleeswaren en kaas direct vers gesneden. Het heet ook meestal de delicatessenafdeling. Dat is prima en lekker, al blijf ik moeite hebben om het bovenste plakje te vinden, een soort mikado voor gevorderden. Je hebt hier natuurlijk ook verplakte vleeswaren, bijna even lekker. Maar hierin worden de gesneden plakjes zo op elkaar geperst dat ik ze echt niet als hele plakjes in de pan krijg.  



 

We hebben twee keer meegemaakt dat restaurantbezoekers gezellig hun hondjes meenemen. Meestal zijn dat van die minikeffertjes, uiterst irritant en dus nog erger, als dat al kan, dan kleine kinderen. Blijkbaar kunnen italiaanse honden echt niet een paar uurtjes alleen thuis blijven. 

En zo is deze overwintering alweer bijna voorbij, we zijn nu druk met het organiseren van de terugreis. Ook kijken welke spullen hier in Italië kunnen blijven en welke niet en natuurlijk foto's maken van de spullen die hier blijven, anders blijven we zoeken waar we die spullen toch hebben gelaten.

Binnenkort dus meer van de terugreis op ditzelfde kanaal. 

 

Wednesday, February 11, 2026

Overwinteren (4 inmiddels). 2025-2026. De heenreis.

En ook deze winter gaan we weer overwinteren in Italië. Zelfde plek en zelfs zelfde huis en ongeveer zelfde periode als vorig jaar, dus allemaal heel saai. Dus eigenlijk helemaal niet zoveel te melden. En omdat ik ook af en toe wat schrijf op polarsteps is deze blog een beetje op de/mijn achtergrond geraakt.

Om toch nog iets anders te doen dan de voorgaande jaren, hebben we de reis erheen maar wat aangepast. In de voorgaande jaren hebben we de reis in drie dagen gedaan, maar zeker in december betekent dat je elke dag de laatste twee uur van de route in het donker rijdt en dat is minder fijn. Zeker als je dan ook nog over onverlichte en onbekende wegen rijdt. Dus dit jaar rijden we in vier dagen naar Anzio en dat betekent een iets andere route en ook andere plekken om te overnachten. 

Wat nog wel hetzelfde is, is de opleukfoto bij deze blog, zodat deze vanzelf in de facebook update terecht komt:

 

Ik weet niet of ik dit nu een echte opleukfoto kan noemen, maar doordat we kortere stukjes rijden, zit ik zelf grotendeels van de route achter het stuur en heb ik dus helemaal geen tijd om foto's te maken. Nou ja misschien wel tijd, maar we willen ook graag heelhuids aankomen in Anzio.

Natuurlijk willen we het liefst ook in het weekend rijden. Dan is er geen vrachtverkeer en minder files en dat rijdt dan wat vlotter en prettiger. Nadeel op zondag en maandag is wel dat het niet eenvoudig is om een hotel met restaurant te vinden dat dan ook nog die avond open is. Maar omdat we min of meer al bedacht hadden om op zondag te vertrekken, is dat nu even niet anders. Straks voor de terugweg toch maar rekening mee houden.

Dus vertrekken op een mooie zondag eind november zo vroeg mogelijk richting Anzio. Dat zo vroeg mogelijk is relatief, we rijden al om 11.30 Amsterdam uit. Vandaag dus een lekker kort stukje, ongeveer 400 km. Onze eerste overnachting is al in België, maar dan wel vlak voor de Luxemburgse grens. Natuurlijk is het gewoon druk op de A2 en ergens in het noorden van Limburg is er iets van een omleiding i.v.m. wegwerkzaamheden. We besluiten dus om bij Eindhoven richting Hasselt te gaan. Nu had ik verwacht dat Hasselt wel ergens op de borden zou staan, maar blijkbaar niet of in ieder geval niet gezien. We rijden dus klein stukje om, maar mooi rond lunchtijd rijden we België in en vinden een plekje om onze eerste frietjes van deze reis te eten.  

Met volle maag rijden we verder naar het Vandervalk hotel in Aarlen of Arlon. De vogel (zou het een valk zijn? Of een toekan? En waarom heeft dit hotel dan een toekan als logo?) staat een beetje in de weg, maar is natuurlijk wel vastgeschroefd aan de behuizing van de mini koelkast. 
 

Het oogt allemaal redelijk nieuw, voldoende oplaadpalen voor de elektrische auto's (altijd makkelijk om te weten voor het geval dat). Op de foto staan de laadpalen achter het hotel, maar aan de voorkant staan er ook nog een aantal te wachten op hongerige batterijen. 

Het uitzicht uit onze hotelkamer is best aardig. En voor de oplettende kijker: ons bed staat gewoon binnen, maar dat raam spiegelt en het was buiten frisjes genoeg om het raam lekker dicht te laten.


De hotelkamer is verder OK, al moest de receptie wel de verwarming op afstand activeren, die we gelukkig wel weer zelf goed konden regelen. De handdoeken lijken wel wat ouder te zijn dan het hotel zelf, maar ze doen het nog wel. Gelukkig spreekt een deel van het personeel gewoon Vlaams en dat is toch makkelijker communiceren dan in ons steenkolen Frans. Ze spreken de bitterballen wel anders uit en ze lijken misschien wel duurder dan in Nederland, al heb ik eigenlijk geen idee hoe duur ze tegenwoordig in de Nederlandse horeca zijn. Ze zijn overigens wel lekker net als het bijbehorende biertje.  


Na een goede nachtrust, een goed ontbijt en de kennismaking met het jongste en slechtst betaalde personeelslid en het schoonkrabben van de autoruiten rijden we weer verder.

Als echte Nederlander willen we natuurlijk benzine tanken in Luxemburg. We zitten vlakbij de grens en de eerste benzinepomp missen we omdat we/ik nog niet echt wakker zijn/ben. Waarom we de tweede pomp ook hebben gemist, weten we niet maar we zien plotseling de Franse grens al voor onze neus en zijn dan een paar seconden later al in Frankrijk. Dan maar tanken bij de eerste pomp in Thionville. Ach de prijs valt nog mee en we zijn niet de enige die hier tanken. Eigenlijk bijzonder dat het er zo druk is, terwijl de benzine een paar kilometer verder vast nog wat goedkoper is. Maar zonder al teveel oponthoud is de maag van onze Yaris ook weer tot het randje gevuld. Ook vandaag een kleine 400 km want we willen natuurlijk niet in Zwitserland overnachten. De komende twee dagen zullen wat afstand betreft nog wel tegen gaan vallen. Morgen bijna 500 km en de laatste dag zelfs ruim 500 km!

In Frankrijk moeten we wel op zoek naar iets eetbaars voor de lunch en dat lukt uiteindelijk prima. Gelukkig weer een schaaltje frietjes. Alweer frietjes lijkt wat overdreven, maar de komende vier maanden zullen redelijk frietloos zijn. 

Wat ik zelf altijd wel fijn vind, is dat begin december buiten Nederland de kerstsfeer al volop aanwezig is. In Nederland moeten we altijd wachten totdat die andere oude man weer richting Spanje is vertrokken.

We hebben een hotelletje gevonden zo ongeveer op de grens van Frankrijk en Zwitserland en er is een zwembadje en dat is best lekker na die uren in de auto. Bij het ontbijt word je aan de naam van het hotel herinnerd. 

Bij het boeken hebben we jammer genoeg gemist dat het restaurant op maandag dicht is en zo moeten we toch nog op zoek naar een restaurant en dat op maandag! Maar het lukt om iets te vinden, al is dat wel in Zwitserland. Erg druk en vol restaurant, maar het vlees is er lekker. Standaard krijg je vooraf een enorme bak gras/sla, waarschijnlijk een poging om toch nog wat vitamines bij de klant naar binnen te krijgen. En we zetten ons vergelijkend warenonderzoek naar de frietjes in Europa voort.

 

De google navigatie heeft ons snel naar het restaurant toegebracht maar wel met een omweg. Op de terugweg vinden we dat we dat beter moet kunnen en laten google lekker uit staan en vertrouwen op de autonavigatie. En al snel blijkt dat google die slagboom (is dat de grens) in tegenstelling tot de Yaris wel kent en we moeten dus weer dezelfde omweg maken. Maar goed zo kom je nog eens ergens, al hebben we geen idee waar we precies geweest zijn. Misschien dat de gps-tracker dat wel goed geregistreerd.

De volgende ochtend eerst onze eigen maag vullen en daarna die van de Yaris. We willen dat natuurlijk nog in Frankrijk doen en dat lukt ook. Maar zoals je wel vaker ziet zijn de prijzen is de buurt van de grens al wat aangepast aan de prijzen aan de andere kant van de grens. Dus dat wordt de duurste benzine van deze reis, maar autootje is er blij mee en gelukkig is ze best wel zuinig. Omdat we zo vlak bij de grens zijn, gaan we ergens in de stad Basel de grens over. Ik vraag me zelfs af of we bij deze grens een vignet hadden kunnen kopen, maar gelukkig was het vignet al via internet geregeld, dus dat scheelde weer onnodig oponthoud en ook geen sticker meer op de voorruit! Dan blijft er nog wat ruimte over voor de Franse en Duitse milieustickers. Omdat we dit jaar dus al verder waren in twee dagen dan vorig jaar na één dag, zijn we ook overal wat vroeger dan vorig jaar. Bij de Gotthard tunnel betekent dat helemaal geen vertraging, maar je mag natuurlijk niet harder dan 70-80 km/h. Ondanks de prijzen hier toch maar even lunchen bij Gotthard-sud. Het kost een paar centen, maar dan heb je ook wat. Gelukkig hoeven we niet te tanken. De enige file in Zwitserland is die bij de grens met Italië, niet omdat de Italianen willen controleren wie er Italië in wil, maar omdat de Zwitsers willen weten wie er het land weer uit gaat (geen idee waarom).

We waren dus wat vroeger dan vorig jaar bij de Gotthard en nu ook wat vroeger op de ringweg van Milaan. En mede daardoor hebben we ook daar weinig vertraging. Daarna nog even dat leuke stuk snelweg (de A1) richting Bologna. Gelukkig dit jaar een stuk touw en een baksteen meegenomen. Alsof je in een zelfrijdende auto van een niet nader te noemen merk rijdt. Vandaag dus maar liefst bijna 500 km! 

Na de nieuwe route en hotels in de eerste twee dagen, zijn de laatste twee dagen weer als vanouds. Dus de overnachting bij Fattoria Marchesini in Praticello. Dan kunnen we namelijk eten bij Mori e Ballabeni. Daar hebben we al een maand geleden gereserveerd en meteen het gewenste hoofdgerecht doorgegeven. Want die soepkom met die bolletjes gevulde pasta (cappelletti in brodo) kan zomaar op zijn. Ik neem altijd een bordje pasta (bigoli con soffritto), want die is hier ook erg lekker.

 

 
 

Gelukkig is er bij het restaurant wel wat veranderd, maar alleen aan de buitenkant. De parkeerplaats is wat aangepast, waardoor er voor de ingang een mooi terras is. Daar zou je zomers heerlijk buiten kunnen eten. In december eten we natuurlijk binnen, waar de houtkachels staan te (g)loeien en de kerstsfeer al aanwezig is. 


 
De laatste ochtend van deze reis begint natuurlijk met eerst ontbijtje voor ons zelf en dan voor autootje. Er zijn hier voldoende benzinestations, maar bij die ene hebben ze vandaag geen benzine. Ik denk eigenlijk nooit, want vorig jaar ook al niet. Misschien verdienen ze er te weinig aan en verkopen ze alleen diesel. Omdat er op de snelweg direct na de oprit een flinke file staat, rijden we richting de volgende oprit en dan zullen we vast wel ergens een echt benzinestation vinden. Dat lukt dus en jammer genoeg dachten meer mensen de file te vermijden door een stukje binnendoor te rijden. Dus op de dag met het meeste aantal kilometers voor de boeg hebben we de meeste vertraging en dan ook nog zo vroeg al. Uiteindelijk op de snelweg rijdt het wel lekker door. We kiezen wel weer voor dezelfde lunchplek als vorig jaar, alleen mis ik de juiste afrit en staan we op de parkeerplaats voor de vrachtauto's (misschien dat ik onbewust de verkeerde borden volg). Nou ja daar is ruimte voldoende, alleen ziet het er wel een beetje zielig uit. 

 

Geen frietjes, maar aardappelschijfjes, het frietloze dieet is begonnen. 

Na de lunch nog even de laatste loodjes, nog maar 280 km.  Door nog wat vetraging onderweg komen we ongeveer op het meest verkeerde moment aan op de GRA (Grande Raccordo Annulare), de ringweg van Rome. Nou viel het aankomen op de GRA nog wel mee, maar de afrit richting Anzio (en deze weg heet vreemd genoeg de Nettunense) is gezellig druk. We staan al stil op de snelweg, kiezen ook nog even een rij auto's te vroeg en de afrit zelf staat vol met twee rijen ongeduldig wachtende (vracht)auto's. Maar goed uiteindelijk arriveren we in Anzio. De eigenaren Annarita en Fabio hebben gelukkig een pannetje pasta klaar staan en nog veel fijner: er staat ook flesje wijn in de koelkast.

Zo eerst maar slapen en morgen boodschappen doen.

Monday, June 09, 2025

De terugreis

Ja ik weet het, we zijn alweer meer dan twee maanden thuis en een blogje over de terugreis had wel iets eerder gemogen. Maar ja, druk, druk, druk.

Begin april hebben we Anzio achter ons gelaten en zijn weer richting het noorden gereden. Omdat we van te voren al bedacht hadden dat we niet zo heel vroeg zouden vertrekken en we ook ook nog in Piemonte wat bezoekjes moeten afleggen, gaan we over de terugreis acht dagen doen waarvan vijf dagen in de auto. Dat is dus ongeveer 400-500 km per dag en dat moet lukken met maximaal vijf uurtjes per dag achter het stuur. De opleukfoto mag nu natuurlijk ook niet ontbreken.

Vroeg opstaan hebben we in vier maanden maar één keer gedaan en dat is meer dan genoeg, dus op deze eerste reisdag zijn we op de normale tijd opgestaan. Dan moet er nog een heleboel worden opgeruimd en ingepakt. Bovendien moet alle zooi verplaatst worden naar de auto en moeten we natuurlijk ook nog afscheid nemen van de landlord en -lady. Kortom we rijden niet echt vroeg weg. De eerste stop is gepland bij mama, want daar blijft een deel van de zooi achter. Niet alles hoeft naar Amsterdam. En heel toevallig komen we dan net rond lunchtijd bij mama aan en een bordje pasta is zo gekookt en zo opgegeten. Dat scheelt straks weer zoeken naar een restaurant.

Deze eerste dag was dus een relatief kort ritje, na nog geen 300 km arriveren we bij ons hotel in Venturina Terme. Terme klinkt hoopgevend en inderdaad het hotel heeft een binnen- en buitenzwembad. Het buitenzwembad wordt op dit moment nog gevuld en we kunnen dus alleen een beetje ronddobberen in het binnenzwembad. Met een watertemperatuur van ruim 30 graden is dat best lekker. Na het zwemmen zijn we wel toe aan een aperitivo (daar zijn we inmiddels wel aan gewend) en het hotel heeft gelukkig ook een restaurant. Dus lekker eten met daarbij een wijntje, want ik hoef morgen pas weer achter het stuur te kruipen.











De volgende dag begint natuurlijk met een ontbijtje en daarna rijden we snel verder. Vandaag is Piemonte ons doel en dat betekent dat we richting Genua rijden. We rijden ook nog langs de Cinque Terre, maar vanaf de snelweg zien we daar weinig van. Tanken langs de snelweg is altijd wat duur en omdat we toch ook voor de lunch de snelweg gaan verlaten, stellen we de lunch voor de auto maar uit tot na onze eigen lunch. We kiezen uiteindelijk voor een restaurant in Zoagli. La Bettola is zeker de moeite waard om een beetje voor om te rijden. Waar we alleen niet aan gedacht hebben, is dat de kuststrook hier tussen de Ligurische zee en de Apennijnen best smal is en daardoor behoorlijk steil. Dit lunchuitstapje kost dan behoorlijk wat tijd, maar levert wel mooie plaatjes op.

Na onze lunch dus op zoek naar een plekje om ook onze auto iets te eten te geven. En dat zoeken valt nog wat tegen, maar met behulp van google lukt het ons. De mindere bereikbaarheid van dit gebied vertaalt zich ook in de benzineprijzen en ik denk dat we uiteindelijk zeker wel één euro hebben bespaard ten opzichte van een tankstop langs de snelweg.

En dan nu verder richting Piemonte. De route is eigenlijk simpel, iets voorbij Genua moeten we rechtsaf. Tot aan Genua is het mooi weer, maar best wel druk op de weg. Rond Genua zijn er veel tunnels en wegwerkzaamheden en we zijn blij als we inderdaad rechtsaf kunnen. Piemonte is een leuke regio om te rijden: niet al te druk en goede wegen die soms alle kanten op lijken te gaan. Gelukkig helpt de navigatie ons aardig de goede weg en ook nog de goede richting te kiezen. Later horen we dat het vandaag behoorlijk slecht weer is geweest, maar de regenwolkjes zijn vertrokken zodra ze ons zagen. We arriveren mooi op tijd bij ons hotel Villa Chiara in Canelli. We hebben een hotel ongeveer midden in het centrum. Normaal levert dat altijd wat problemen op om de auto te parkeren maar dit hotel heeft in de binnentuin een ruime parkeerplaats.











Door corona en onze overwinteringen zijn we een paar jaar niet in Piemonte geweest en vandaar hebben we dus deze tussenstop van drie dagen ingelast. We zitten in Canelli, maar we moeten vandaag een bezoekje brengen aan onze wijnboervrienden in La Morra. Dat is slecht een uurtje rijden en zoals gezegd het rijdt erg relaxed in Piemonte. Wel kost het wat moeite om de tolwegen te vermijden, maar ook dat is uiteindelijk gelukt. Dus vandaag lunch bij Azienda Agricola Marrone

Na de lunch weer uurtje terugrijden. Voordeel van de lunch bij Marrone is dat we in de avond kunnen volstaan met een uitgebreide aperitivo in de cocktailbar in Canelli.

Na een dagje Canelli en omstreken hebben we weer een lunch in La Morra geregeld. Dit keer bij restaurant Fontanazza. Heerlijk buiten op terras, heerlijk eten en uitzicht op centrum van La Morra.


Na de lunch weer uurtje terug rijden en tussendoor even tanken bij de Conad. Net als in Frankrijk hebben veel supermarkten ook een bijhorend benzinestation.

Onze drie dagen in Piemonte zitten er weer op en we gaan richting Frankrijk. We kunnen kiezen tussen de Frejustunnel en de Mont Blanc tunnel en omdat we nog nooit door de Mont Blanc zijn gereden, valt de keuze op deze tunnel.

Echt vlak (de laatste bocht) voor de tunnel nog wel even lunchen. Ik heb een schnitzel van ongeveer een m2, best wel lekker, maar het is wel duidelijk dat we Italie bijna hebben verlaten.

Een paar kilometer na de lunch sluiten we aan in de rij om de tol voor de Mont Blanc tunnel te betalen. Er staan slechts een paar auto's voor ons, maar het betalen gaat niet erg snel. En na 55,80 euri mogen we doorrijden. Een aardig bedrag, maar bv. vrachtauto's mogen meer dan 400 euri aftikken voor een enkele reis. 














Aan de noordkant van de tunnel staat een behoorlijke rij auto's, gelukkig gaan we dus de goede kant op. Voordeel van de Mont Blanc tunnel is dat we zo de drukte bij Lyon ontlopen en we rijden nu tot Dijon wat oostelijker dan de A6 (de Autoroute du Soleil) en dat scheelt ook weer wat drukte op de weg.

We hebben een hotel in Bourg-en-Bresse geboekt en het kost wat moeite om de ingang van het hotel te vinden, maar met een extra rondje van de zaak lukt het toch. Het hotel is er eentje van de Best Western keten, maar dit hotel zou beter passen in de Worst Western keten. Deze staat nu dus op lijstje 'nooit meer'. Voor het mooie uitzicht en riante douche hoef je hier niet te stoppen.












De volgende dag weer verder, we hebben een hotel geboekt in Villers Semeuse. We gaan dus terug niet via Luxemburg maar langs Troyes en Reims. Deze route is ook redelijk rustig.










Met een volle tank zouden we dat precies moeten halen. Dus de rest van de dag houd ik me bezig met het aantal nog te rijden kilometers en het, volgens de boordcomputer, aantal nog te kunnen rijden kilometers. Het wordt krap, maar het moet kunnen. En dan missen we de laatste afslag bij Villers en precies op dat moment begint het lampje van de lege benzinetank te branden. De eerstvolgende mogelijkheid om de snelweg te verlaten is pas over 5 km en de weg gaat ook nog behoorlijk steil omhoog en ik heb geen idee hoeveel liter benzine er nog is wanneer dat lampje gaat branden. Maar goed we halen het Ibis hotel en morgen gaan we wel op zoek naar pompstation. Mocht je met electrische auto op stap zijn, bij het hotel zijn meerdere laadpalen beschikbaar. Nu eerst maar een lekker biertje en daarna hapje eten.

Ook het ontbijt is goed, alleen worden we een beetje zenuwachtig van de dame van het hotel. Ze is continu bezig met opruimen en aanvullen van de voorraden. Op zich niet verkeerd (zeker niet dat laatste), maar om nu alle broodkruimels die op de grond liggen met een natte vinger op te rapen, gaat toch wat ver. Ik hoop maar dat ze ook regelmatig haar handen wast.

Nu eerst maar even de auto voorzien van wat brandstof, het benzinetank lampje brandt nog steeds, maar volgens google is er een benzinestation op 1,5 km, dat zou toch moeten lukken. We zien al snel de benzinepomp, maar het vinden van de ingang is een stuk lastiger. Zo lastig dat we op een bepaald moment compleet de verkeerde kant oprijden. Gelukkig is het mogelijk om min of meer legaal een u-bochtje te maken en dan kunnen we een nieuwe poging wagen. Het blijkt een benzinepomp te zijn die eigenlijk van de supermarkt is en dat betekent dat je eerst de parkeerplaats van de supermarkt in moet rijden en bij het verlaten van dat parkeerterrein rijd je langs de ingang van de pomp. Op zich niet heel stom bedacht, maar je moet het wel even weten.

Dus met volle maag en tank rijden we verder. We rijden richting Charleroi en voor Charleroi is er een stuk van zo een 10 km 2-baans en ook druk en dat schiet dus niet op. Bij een eventueel volgende keer maar eens kijken of er een alternatieve route is om voorbij Charleroi te komen. Waarschijnlijk maakt dat allemaal niet veel uit en daarna moeten we ook over de ring van Brussel en Antwerpen. 


Bij Brussel is er ook nog een ongeluk gebeurd en al met al hebben we op deze laatste dag behoorlijk wat vertraging. Voor de lunch is het meestal leuker om de snelweg te verlaten en zo rijden we op goed geluk Mechelen in op zoek naar een restaurantje. Nu blijken ze in Mechelen goed te hebben nagedacht over een verkeerscirculatieplan en het rondrijden lukt aardig. Het vinden van een parkeerplaats of een restaurant wordt al een stuk moeilijker en de combinatie van beiden lijkt niet te bestaan. Dus besluiten we maar weer richting snelweg te gaan en uiteindelijk bij Waarloos iets te gaan eten. Waarloos lijkt wel erg op Waardeloos, maar dat valt gelukkig mee. 

Daarna dus weer verder, de laatste loodjes. Ringweg Antwerpen is natuurlijk weer gezellig druk en in Nederland zijn er ook heel veel auto's onderweg. Ook valt het op dat de ANWB-borden er wel heel slecht uit zien.

Tot de ring van Amsterdam gaat het nog redelijk, maar de ringweg zelf staat stil. Nou ja de auto's op de ringweg staan stil. Gelukkig kunnen we op tijd de snelweg verlaten en gaan meteen maar even wat boodschappen bij appie doen. Daarna kunnen we binnendoor naar huis rijden.

Zo komt er een eind aan ruim vier maanden (130 dagen) vakantie of beter gezegd overwintering. In totaal 6929 km in de auto afgelegd en ruim 330 liter benzine verbruikt. 

Voorlopig zijn we nu weer een paar maanden in Amsterdam. En omdat beelden meer zeggen dan woorden: